Tussen hoop en vrees

Weet je nog, een jaar geleden? Volgegeten van de kerstdis, stond het jaar 2020 trappelend voor de deur. Nog niets van de lockdowns die komen zouden. Nog niets van overvolle ziekenhuizen en eenzaam sterven. Nog niets van doorgestreepte afspraken en gesloten cafés. De deur naar 2020 zwaaide open en we hadden geen idee. Geen flauw idee. De toekomst laat zich pas achteraf zien. Een vaag teken aan de wand ten spijt.

Over een paar dagen is het jaar 2021 een feit. Een jaar dat bol staat van hoop. Terug naar wat verloren ging en dan liefst mooier, eerlijker, beter en duurzamer. De plek waar ik mijn hoop bewaar, is veelal goed gevuld. Hoop is ja zeggen. Ja tegen een jaar, waarin onze wegen zich niet langer scheiden. Waarin niet de ziekenhuizen, maar de restaurants overvol geraken. Waarin de meest kwetsbaren en de hardst getroffenen weer vooruit kunnen zien. Waarin die anderhalve meter, het mondkapje en al die pijlen op de grond voorgoed de prullenbak in kunnen.

De plek waar ik mijn hoop bewaar, is behalve gevuld, kwetsbaar. Angst, zorgen en vragen sijpelen gemakkelijk naar binnen. Wat als het vaccin onvoldoende werkt en we onszelf in 2021 van lockdown naar lockdown moeten slepen? Wat als onvoldoende mensen zich laten vaccineren? Wat als de grootste klappen nog moeten komen en dat wat verloren ging verloren blijft?

Vermoedelijk houdt de toekomst zich ergens tussen hoop en vrees schuil. Ergens tussen ja en nee. Ja tegen een vaccin en nee tegen nog meer narigheid. Ja tegen een vaccin, ondanks de vrees voor bijwerkingen. De bijwerkingen van het virus zijn vele malen erger en nauwelijks te overzien. Ja tegen een vaccin is nee tegen nog meer armoede, geknakte dromen en uitzichtloosheid. Nee tegen het sluiten van scholen en het ontzeggen van kansen. Nog nooit was solidariteit zo eenvoudig, dus lieve toekomst, laat je nu maar snel zien!